Waardebepalingen, schade expertise of BPM berekenen? Heel eenvoudig!

Waardebepalingen, schade expertise of bpm berekenen door Kattenberg-expertise

Als notarieel beëdigd register taxateur met meer dan 20 jaar ervaring, stelt Kattenberg-expertise waardebepalingen en taxatierapporten op voor auto’s, motoren/tweewielers en campers.

De volgende waardebepalingen kan Kattenberg-expertise voor u uitvoeren:

  • Oldtimer taxaties voor klassieke auto’s en motoren
  • Youngtimer en hedendaags taxaties voor wat recentere auto’s en motoren
  • Taxaties voor custom cars en aangepaste voertuigen
  • Camper en caravan taxaties
  • BPM taxaties (tegenbewijs berekening) voor geïmporteerde voertuigen

Schade expertise rapport nodig?

Er zijn verschillende oorzaken mogelijk voor de toegebrachte schade zoals: Diefstal, Aanrijding, vandalisme en technische schade.

Expertise wordt door Kattenberg-expertise uitgevoerd conform de eisen van het Nivre (NIVRE.nl). De volgende punten kunt u door Kattenberg-expertise laten uitvoeren.

  • Voertuig schade vaststellen
  • Technische expertise
  • Contra expertise

BPM aangifte doen om uw auto te importeren

Om de te betalen BPM te bepalen heeft u een aantal mogelijkheden:

  • BPM berekenen op basis van de afschrijvingstabel
  • BPM berekenen op basis van de meest gunstige koerslijst
  • BPM berekenen op basis van de daadwerkelijke waarde van het voertuig door middel van een taxatierapport (tegenbewijs)

Deze BPM (tegenbewijs) berekening kan Kattenberg-expertise voor u maken!

Maak het niet moeilijker dan het al is! Schakel Kattenberg-expertise in voor een professionele aanpak voor het uitvoeren van waardebepalingen, schade expertise en bpm berekeningen.


Een dagje naar Zandvoort

De man moet nog onder de dertig zijn; lang en lenig van postuur; getaand en gebruind van uiterlijk; een donkerblauwe overall fladdert grotesk als een hansop om zijn lijf, als hij zich beweegt. Zijn gespierde rechterhand zit nu als een stalen schroef, om een framebuis geklemd en op zijn andere hand waarin een schroevendraaier ligt, glinstert nattig een vreemd vochtige plek als een schrijnende wond; vette olie vermengd met ‘beetje bloed. Als een arts die zin diagnose stelt zit de mand vol aandacht, over het hart van een bolide gebogen en met gespitste oren beluistert hij het brullend gedaver, vlak onder zijn neus. Het jankende raketgeraas moet hem echter als genuanceerde taal in de oren klinken want nu schudt hij zijn hoofd, langzaam, heen en weer. Hij is het er niet mee eens. De omstander kijken hem nieuwsgierig aan; zij lezen zijn oordeel als liplezers. De man de man bukt zich verder voorover en met de schroevendraaier peuter hij voorzichtig, als was het een chirurgisch lancet, in de sidderende buik aan het circuitdier en kijk, de sidderingen van het stalen lijf worden minder, het geraas wordt anders van klankkleur en toon, het monster is bedwongen. De man recht nu zijn rug., knikt tevreden veegt dan beide mokerhanden aan zijn zitvlak af. Even later wordt er een blik van de grond opgetild waar Cartrol op staat en een man met ’n petje op, die naast mij staat, zegt hardop: zelfs racewagens weten wat lekker is…

Een laatste slokje vol moed voor de daverende start van straks. Ik ben net van plan die man te vragen welke soorten olie hier, aan de pits, worden gebruikt en ik verwacht eigenlijk een kleine grijns te zien als antwoord op zo’n lekevraag als plotseling een aantal wagens met een scheurend gekrijs hun motoren starten om zo direct op te trekken aar de baan het spel gaat weer beginnen.

Ab Goedemans and Toine Hezemans racing in S.R.T Holland Abarths

De hemel boven ons, zomerliefelijk en azurenblauw, schijnt te breken en te barsten onder dit hellegedaver; een weeë lucht van olie en benzine schuif langzaam, van de grond omhoog, onze neusgaten binnen en daar draaien de coureurs, weggedoken in hun felle stalen duiveltjes, de pist uit, op weg naar de start. Vlak achter onze ruggen ligt de befaamde Tarzanbocht glinsterend in het felle zonlicht, te wachten. Ook de renners uit het racing-team van ‘Lach-69’ zullen straks weer in het gevlei van die verraderlijke bocht moeten komen maar zij zullen, zoals later op die dag blijkt, daar een paar prachtige overwinningen behalen zoals Ab Goedemans in een Fiat Abarth 1000 de zichzelf als Nederlands Kampioen in de klasse toewagens 850/1000cc., naar voren vocht en Toine Hezemans in de klasse sportcars boven 1600 cc. Met Porsche Carrera 906. Even later is het startgedaver weer over en daarvoor in de plaats horen we nu het regelmatig en jankend voorbij-ijlen van de racewagens. Op de pits is het stillen, de meesten kijken naar de race en hun hoofden draaien langzaam mee met de renner die hun aandacht heeft. Ik kijken rond en ik moet denken aan een circus. Pits en Piste. Mannen in overalls, mannen in keurige pakken mannen die druk bezig zijn, mannen die zorgelijk kijken. De wereld achter de racebaan, het front achter het front, de race achter de race. Wat gebeurt daar allemaal en wat is er al gebeurd en gedaan voordat de racewagens juichend van start gaan? Wie en wat zijn de mannen waarmee alles begint?

Rijder Cees van de Bos, 1964.

Het snelle circus waarnaar miljoenen ter wereld, steeds weer opnieuw, ademloos zitten te kijken? Uit welke mensen bestaan de denkers en de doeners achter de renners? In de Tarzanbocht rimrammen de wagens voorbij. Verdom snelle tijden vandaag bromt een man tegen me di uit een melkig kop koffie staat te lurken. Verdomd snel, zeg ikje en internationale klasse…
‘Jaja’ denk ik da’s de race maar ik wil dat andere verhaal… Met de mannen van de banden, de benzine en de olie. Ik vind, achter in de pits, twee heren. Een van hen is een Engelsman, hij kauwt rustig op een goudgeel strootje. Ik zeg ‘ en wat gebeurt er nou allemaal hier in de bandenhoek, liever gezegd wat kan er gebeuren…’ Beide heren glimlachen wat zwakjes. ‘We zijn de schoenmakers van de pits’ zegt er een. ‘We ze staan klaar van ’s-Morgens vroeg tot ’s-Avonds laat maar da’s niks bijzonders, dat doen we allemaal hier aar we houden oren en ogen open.

Bijvoorbeeld, de weervoorspelling, bij een lekker Hollands regentje moeten we bliksemsnel wisselen. We hebben ze; de banden voor droog weer, voor nat weer en eentje voor vriezen en dooien. Da’s soms de redder van een rennersleven keiharde zaak, dat racen… een band die niet goed is… nou ja, je snapt het wel…’ Ik knik en kijk naar de stapel racebanden die daar dik (zeer dik) en rond liggen wezen. Hier is alles rustig, denk ik. Verder weer. Ik bots bijna tegen een meneer op want ik ga van de weeromstuit steeds harder lopen Ik kom in de sfeer van snel-wezen. ‘ zoekt u iets…’, vraagt de meneer in kwestie. Ik zeg luidop tegen het snerpend lawaai in: ‘ ik zoen menselijk verhaal, het verhaal achter de race …’. De meneer glimlacht ‘ ga effe zitten’ zegt ie en we zakken neer op het trapje van een caravan en die meneer stelt zichzelf voor. Hij blijkt Shell te vertegenwoordigen. Aha, de benzine. Kijk, ik kan je een verhaal vertellen over Shell en benzine, zo van, zonder Shell rijdt niemand wel, maar ik kan je ook een verhaal geven dat vandaag hier zou kunnen gebeuren; het is dan ook echt gebeurd.

Stel je voor, een andere pits, doet er niet toe waar, maar nogmaals het is een true story. We hadden alles al voor elkaar, het was ‘s avonds laat, de race – internationale klasse – zou de volgende ochtend beginnen. Ik sta net even uit te blazen en daar komt een vent naar me toe van het Italiaanse team. Hij zegt, we zitten met een moeilijkheid. Die Shell-benzine uit Duitsland is ander dan de benzine hier, er zit verschil in, we horen het bij stationair draaien, we moeten die Shell uit Duitsland hebben anders gaat ’t mis… Ik e, man dat kan niet, er is geen verschil… onze benzine is overal ter wereld hetzelfde… en toch moet ik ’t hebben, zegt die Italiaan koppig. ’t Moet, echt, t’ moet. Ik denk, waar haal ik ‘s avonds laat benzine ui Duitsland vandaag? Ik overleg met een paar mensen uit de staf. We praten er niet lang over.

Het is een krankzinnig avontuur aar we aan het halen. Vierhonderd liter of zo ’s nachts de grens over, onder papieren, zonder invoervergunning. Te gek om los te lopen. Aan de grens praten we de zolen van onze schoenen. Eerst bij de uitgaande douane en daarna bij de anderen De douane bekijkt ons alsof we om klinkklaar goud vragen. Er wordt gebeld er wordt overleg. Midden in de nacht. Van de ene grens naar de andere. We vertellen die mensen hoe geweldig de racesport is. Ze meesmuilen wat. Jaja, die racesport en mot dat dan nou juist benzine uit een ander land zijn? We graten weer en nog eens. Maar goed, hoe het ging weet ik niet precies meer maar we stonden de volgende morgen met een dikke vierhonderd liter Duitse Shell aan de pits. De wagens stonden al warm te draaien en wij zaten wat uitgeblust tussen de benzine. Daar komt die Italiaan weer. Hij grijnst breed, kijkt bewonderd naar die auto vol benzine en zegt: ‘Man je had gelijk, er is geen verschillen tussen die twee soorten Shell, het was wat anders. Sorry, laat maar zitten, bedankt toch voor alle moeite, we hebben al getankt, we gaan zo van start’. En weg is hij … bedankt, denk ik. We kijken elkaar aan. De man die de afgelopen nacht als een dolleman heeft gereden glimlacht. En toch was ’t een stunt, zegt hij. Goed werk, nodig of niet…’. Een goed verhaal, zeg ik en ik bedank ook. Maar dat had ik nu hier willen meemaken want ook bij Shell is alles rustig. ’n Beetje mismoedig loop ik de pits weer in. Het lukt niet vandaag, alles loop geolied. Olie…

Ik staar de pist af en zie, in de verte de na Castrol. Ik denk weer aan de monteur. En kijk, bij de olie begon de victorie. Eindelijk de gekke wereld van de pits. Ik zal net als de Castrolwagen inklimmen of daar komt een lieve, jonge vrouw et iets van zorg op haar gezicht, aanlopen. Meneer va der Mey, zegt ze haastig, meneer van de Mey, luister eens. De Sales-Manager van Castrol Holland luister. Hij is dat gewend op de pits. Ik zit ineen spiksplinternieuwe wagen, zo van de fabriek, maar uw technicus Kees Zuydervliet zegt dat er iets niet klopt. Hij kan geen olie wisselen, want er komt haast niet uit… De heer van der Mey komt overeind. Geen olie, zegt ie, da’s het nieuwste, dat moet ik zien…

S.R.T- Holland met sponsor LACH 69

Kees Zuydervliet rommelt aan het tapgat van het schone wagentje en zijn gezicht drukt de opperste verbazing uit Hij bukt opnieuw en steekt een gevoelige pink in het mechanisme en begint dan te grijzen. Even later haalt hij een complete drijfstangbout uit het carter tevoorschijn en nu stroomt de oude olie rap naar buiten. Een maandagmorgen-auto, luidt zijn laconieke commentaar. De monteur had zeker n’ boutje over…

Nou ja, zegt de heer van de Mey later als we achter een gastvrij biertje in de caravan zitten, zoiets gebeurt ook niet iedere dag, maar als er zoiets geks gebeurt dan is het altijd hier. Maar de mannen met de grote namen krijgen we ook hier, let op (hij bladert in een boekje)… de Spanjaard Corrando op Formule II, onze eigen Anton Ruska in Porsche Carrera, Toine Hezemans in Porsche 906 of Kees van de Bos in z’n eigen Havas, allemaal op Castrol om er ’n paar te noemen. Hij wijst het raam uit. Kijk, Kees Zuydervliet in actie, Castrol technische service op de pits, man we zijn de enige die dat doen… Ik nip aan mijn biertje. Het is waar denk ik maar toch is ’t reclame. Weet je, gaat de heer van der Meyden koppig verder, die racerij, da’s een gouden grap, niet alleen voor on s maar voor iedere sponsor. Het sponsoren van een team kost ons, met alles erop en eraan, zowat een ton per jaar nog afgezien van de ruim vierhonderd liter afgewerkte olie die we na iedereen race, weer gezellig in een putje laten lopen… olieputten in Zandvoort. Het is nu stil geworden in de lucht. Ik realiseer me nu pas dat het daverende lawaai al enige tijd is stilgelegd. Het is pauze. De heer van de Mey bijt nijdig in een broodje Olie en nog een olie, daar Draait de hele boel om… Er komen nu nog meer mensen de caravan binnen, de een bezweet, de ander moe. Ik zin op een hamvraag, het moet de laatste zijn.

Ik kijk de kring rond en ik zeg: waarom maakt Castrol alleen maar olie…? Het blijkt inderdaad een hamvraag te zijn, er valt een pijnlijke stilte en hier en daar beginnen een paar gezichten geheimzinnig te glimlachen. Heb kennelijk gevraag waarde kindertjes vandaan komen. Wacht maar tot 1 oktober, dan zal je zien dat Castrol ook benzine gaat verkopen… maar dat blijft onder ons.

Dat blijft het ook, maar per slot van rekening is een reportage, een reportage, u weet het dus nu ook. Ik klim de caravan uit; ik ben nu definitief verslagen. Mijn reportage is een keiharde zaak gebleven om in pits-termen te spreken Racen is dus: de verbeten coureur, het hoogdraaiende publiek, de dikke banden en de goeie olie.

Anders niks. Of toch…? Buiten de intiemen caravan ben ik weer overgeleverd aan het suizend gedreun. De Nieuw race is begonnen. Ik zet, met twee paardenkrachten, koers naar de uitgang. Geen menselijk verhaal geen human story..
Vlak bij de uitgang, op een omgekeerde kist, zit een lange vent in overall. Hij slurpt een kop koffie. Hoi, ik zeg. Het is de monteur van zoeven, toen ik binnenkwam. Hij knikt. Ik ga naast he zitten, geef hem een sigaret. Met z’n afgebrokkelde nagels peter hij er n’ stukje tabak uit. Jongen, zeg hij ‘ die racerij is ’n geweldig feest, ieder keer weer. Als ik me weer over zo’n wagen te sappel he gemaakt en hij loopt goed, dan denk ik als ik die coureur zie instappen, als jij goed rijdt, heb ik niet voor niks gewerkt. Er zit een stuk leven in zo’n motor… het ding heet een eigen wil… het is mijn aak om ‘m te maken laten doen wat ik wil… Hij zwijgt even ik wacht. Mijn zoon hé, dat wordt misschien ook nog eens ’n goeie rijer. Ik vertel hem er alles van. Ik denk dan, jij rijen en ik sleutelen, moet je eens opletten wat er dan gebeurt. Het is een geweldige jongen. Als ik me hier in het zweet sta te werken, dan denk ik vaak aan hem… hij komt er wel die jongen… hij rijdt nu al… ik denk dan… die lauwerkrans bij de finish… ik hem ‘m nooit gekregen, maar ik zal er voor zorgen dat hij ‘m wel krijgt. Juist hij Mijn zoon.. Ik sta op, ik neem afscheid en ik bekijk zijn verweerde profiel nog eens. Een goed besluit van de race. Toch. Ik heb de man achter de race gevonden.

 


Schadecalculatie in opdracht van:

Schade expertise

Kattenberg Expertise behandeld schade als gevolg van een:

  • aanrijdingsschade evenement
  • braak/diefstalschade evenement,
  • brandschade evenement
  • molestschade evenement,
  • waterschade evenement
  • technische schade

kortom: schade toegebracht aan uw automotive bezit.

  1. Aanrijdingsschade-evenement met een ander gemotoriseerd voertuig,
 waaronder: een auto, een camper, een vrachtwagen, een personenbus, een motor,
 een bromfiets, een tractor, een kraanwagen, eigenlijk elk motorisch aangedreven voertuig
  2. aanrijdingsschade-evenement met een fietser en/of voetganger
  3. braak/diefstalschade-evenement als gevolg van een onrechtmatig toetreden van/in het
 voertuig en het ontvreemden van zaken
  4. brandschade-evenement als gevolg van het ontbranden van zaken aan/van het voertuig
  5. molestschade toegebracht door opzettelijk, onrechtmatig handelen met/aan een 
 voertuig met schade als gevolg
  6. waterschade als gevolg van het te water raken van het voertuig en/of een 
 waterlekkage aan voertuig
  7. technische schade: schade toebracht aan de motor, aandrijflijn of elektrisch

Boven genoemde zaken worden in opdracht van, door Kattenberg-Expertise, in behandeling genomen om bijbehorende schade vast te stellen.


Technische schadebehandeling

Technische schadebehandeling door Kattenberg Expertise.


Taxatie Jaguar XK120 1951

Taxatie van een Jaguar XK120 uit 1951.


Waarom wordt DAF (doorgaans) zo lullig bereden?

Waarom wordt DAF (doorgaans) zo lullig bereden?

Automobilisten zijn fanatieke chauvinisten. U dacht misschien dat fanatisme alleen bij overtuigde aanhangers van diverse levensbeschouwingen voorkomt? Welnu, voor veel automobilisten is hun auto hun levensbeschouwing. Het merk, dat hun voorkeur heeft gekregen, is van het moment af dat zij het glanzende en fonkelnieuwe product voor hun huisdeur hebben staan, zondermeer alleenzaligmakend.. zij voelen zich tot in het binnenste van hun gemoed gegriefd, als iemand het waagt iets lelijks te zeggen over hun lieveling, hun troetelkind. Ze zijn bereid urenlange debatten te voeren, desnoods met het mes op tafel, want geen man zal ooit durven toegeven dat hij geen= verstand van auto’s heeft. Zodra hij er een bezit achter hij zich een deskundige en hij achter alle andere auto’s van dezelfde prijsklasse waardeloze ‘stukkies blik’, door gewetenloze constructeurs samengestelde prullen.

Prijsklassen en fanatisme

Dit soort fanatici koen (wat de wagens betreft) in alle prijsklassen voor, maar het meest onder de berijders van de wagens uit de zgn. ‘middenklasse’. Zij zien et een superieur glimlachje neer op alle automobielen onder de pakweg f5000,- en halen hun schouders op voor wagens, die je niet onder de (weer: pakweg) negen miel kunt krijgen. Merkwaardig echter is, dat zij hun eigen wagens de speciale kwaliteiten van zowel de laagste als de hoogste prijsklasse toeschrijven. Dat zijn de punten, waarop hun chauvinisme is gebaseerd: ‘Ik rij verdomd goedkoop en hij accelereert als een gek!’ Het zijn de automobilisten, die op twee liter benzine binnen een half uur van Amsterdam naar Den Haag rijden of die op hun sloffen een
race met Mercedes Sport winnen (in de stad, sic!).

Misschien klinkt u dit als een wat al te sarcastische schildering in de oren. Misschien voelt u zich persoonlijk op de automobilistische teentjes gerapt. Maar als we ervan uitgaan, dat een man in zijn hart altijd een jongen is gebleven, moeten we ook zo eerlijk zijn toe te geven dat er heel wat dreinerige kinderen in volwassen staat rondlopen. De oorzaak waarom onze vaderlandse DAG het schier onuitroeibare odium van ‘ouwewijvewage’ op zich geladen heeft gekregen, is voor een belangrijk deel te vinden in de hierboven geschetste mentaliteit. De rest van de schuld weegt op de brede schouders van de gebroeders Van Doorne, die een voortreffelijke automobiel construeerden, maar die niet hadden voorzien dat uitgerekend het sportieve element aan hun geesteskind de Variomatic, de Daf tot de geliefde automobiel maakte van een groep weggebruikers, die hun 33 degradeerdetot een gezapig voortsukkelend, apart soort wastobbe. Het waren de ouderen die de image van de DAF- personenwagen grondig de grond intrapten. En wat doe je als automobilist, als je een Dafje passeert, waarin twee oudjes genoeglijk glimlachend hun automobilistisch plezier oervoorzichtig zitten uit te leven? Je denkt: dat ding gaat zeker niet harder! Een fijn wagentje voor de ouwelui, voor de AOW-ers! Bovendien heb je van de Variomatic wel zoveel kaas gegeten, dat je wet dat er niet geschakeld hoeft te worden. Je associeert het niet schakelen met de ouwetjes achter het stuur en je knikt begrijpend: ‘Ach ja, op die leeftijd valt het ook niet meer mee om de pook goed te leren bedienen!’ En zo kwam het, dat de DAF voor het grootste deel van de potentiele autokopers= werd afgeschreven. Dat was droevig! Dat was in-triest! Dat was de grootste vergissing, die de H.H. automobilisten hebben begaan. Want laten we het nou eens over een ding eens worden: het is onzin om te beweren, dat een pook of een stuurversnelling synoniem aan ‘sportief rijden’ zou zijn! Die opvatting stoelt slechts op een zeer persoonlijke waarneming en heeft niets, maar dan ook niets met de werkelijkheid te maken.

Het antwoord van Eindhoven

Voor een dynamisch bedrijf als de DAG was de ontvangt door het publiek van de Daf 33 (de Daffodil) zondermeer een uitdaging. Goed, men had er zich mee kunnen vergenoegen de verkoop van de persnonenwagen voornamelijk onder de bejaarden te stimuleren, maar dat was nu juist wat met niet wilde, niet mocht willen zelfs, omdat zoiets de kwaliteiten van de Variomatic alle onterecht van de wereld zou hebben aangedaan (afgezien nog van de mooie carroserielijn). Men wou de jongeren onder de automobilisten laten ontdekken, at de DAF-personenwagen een ereplaats inneemt in zijn klasse. En dat is gelukt! Dat is op een formidabele manier gelukt zelfs! Denk er wel aan: het ging erom de sceptici ervan te overtuigen dat een wagen die uitgerust is met de Variomatic, wel degelijk in staat is snel te accelereren en hoge snelheden te halen. Het antwoord van de DAG was de Daf 44 en–sinds vorig jaar december-de Daf 55.

Opzienbarende prestaties

Ik wil u–in het kader van dit artikel–niet lastig vallen met uitvoeringen, technische beschrijvingen van deze twee typen. Voor belangstellenden drukken wij hierbij een apart lijstje met enkele technische gegevens af en bovendien is een kaartje naar DAF-Eindhoven al genoeg om uitgebreide inlichtingen te krijgen. Belangrijker is het om u voer enkele opzienbarende prestaties te informeren, die–duidelijker dan welke beschrijving dan ook–
illustreren, dat de Daf 33, 44 en 55 wagens zijn, die het niet verdienen ‘lullig’ bereden te worden.Op de befaamde Nürnbergring wordt jaarlijks de ‘Marathon de la Route’ verreden. Het is een race, waarin binnen 84 uur non-stop zoveel mogelijk kilometers gereden moeten worden. Deze prestatierit is in de plats gekomen voor rally Spa-Sofia-Luik, die wegens moeilijkheden met de autoriteiten van landen achter het IJzeren Gordijn moest worden geannuleerd. In 1966 deden er voor het eerst vier Daffodils aan mee. Zij reden de hele rit uit et een gemiddelde snelheid van 90 km per uur, wat zeer hoog is, als u rekent dat de tijd waarin men moest stoppen rijden en banden te verwisselen en benzine te tanken er is bijgeteld.De DAG werd 6e in het algemeen klassement, waar het dappere Daffodilletje prijkte tussen de grote zussen als Porsche en Ford-Mustang. In de klasse tot 850cc werden de vier Daffodils rep. 1e, 2e, 3een 4e! Vorig jaar nam DAF opnieuw deel aan deze rit. Opnieuw bereikte een van de ingeschreven Dafs (ditmaal de Daf 44) de zesde plaats in het algemeen klassement. Er werd met een gemiddelde snelheid van 100 km per uur gereden. Van de vier ingeschreven 44-ers bereikten er drie de finish en zij werden in hun klassetot 850 cc resp. Als 1e, 3een 4egeklasseerd. Dit jaar overweegt de DAF weer aan deze race deel te nemen, nu met twee Dafs 44 en twee Dafs 55. De 55-ers komen dan uit in de klasse tot 1150 cc. In 1966 ontving de DAG bovendien voor de prestaties op de Nürnbergring de ‘Coupe des Constructeurs’.

Waarom deelnemen aan rally’s en races?

Er zijn mensen, die het deelnemen aan rally’s en races door fabrieksteams eigenlijk zien als een soort reclame of een doodsgevaarlijke manier van vrijetijdsbesteding. Uiteraard is het inderdaad een vorm van reclame, als … de wagens tenminste op de topplaatsen eindigen, maar in de grond van de zaak dienen die rally’s en races veeleer als ene praktische beproeving van het materiaal. De is ook de redenwaarom DAG een met Variomatic
uitgeruste racewagen voor de Formule 3 construeerde met een Ford Cosworth-motor. (een opgevoerde Ford Anglia-motor), waarmee een vermogen van 115 tot 120 pk kan worden= ontwikkeld en een snelheid van 210 km per uur ka worden bereikt. In september ’67 won de DAF-rijden Gijs van Lennep met deze wagen in Stockholm, de eerste maal in de automobielgeschiedenis, dat een race-auto met automatische transmissie zegevierde! Rob Koch, die de racebelangen van DAF behartigt, vertelde mij, dat de resultaten van de races verwerkt zijn in de modellen 44 en de 55 twee wagens geleverd, die een enorme ‘appeal’ op de jongere automobilisten hebben, zei hij. Dit jaar zullen de Formule 3-wagens van de DAF door het Racing Team Holland nog worden gebruikt en daarna … Naar het museum! Er komt geen nieuwe Formule 3. Wij stoppen met racen. Wij maken personenwagens.

Weeldebelasting

En mocht u er zich over verbazen, dat de DAF-wagens in Duitsland zoveel goedkoper zijn dan in ons eigen lieve vaderland, dan moet u wel weten dat men in Den Haag een autobomiel koppig als een luxe-artikel wil blijven beschouwen en niet (wat het in werkelijkheid allang is!) als een doodgewoon gebruiksvoorwerp, waarmee ontelbare Nederlanders hun kost moeten verdienen. Zo’n dikke 20% weeldebelasting betalen we en dat voor een vaderlands product! Mogen we even geërgerd de wenkbrauwen ophalen? Dat de DAG desondanks vorig jaar van de 7e plaats naar de 4e plaats is gestegen op de lijst van meest verkochte automobielen binnen de Nederlandse grenzen bewijst echter, dat de kwaliteit van de auto door ons belangrijke wordt geacht dan die vermaledijde weeldebelasting. En het bewijst ook, dat de DAF eindelijk recht wordt gedaan: er wordt lang niet zo ‘lullig’ meer gereden. Maar hoe zou je het ooit in je hersens halen, als je met een 44 123 km per uur en met een 55 maar liefst 136 km per uur kunt halen. En accelereren doet-ie! Als een gek! Wij strelen ons niet met de hoop dat u na het lezen van dit artikel onmiddellijk in uw eigen ‘voiture’ stapten binnen de kortst mogelijke keren een bezoek gaat brengen aan de eerste de beste (de tweede is trouwens ook wel best hoor!) DAF-dealer. Daarmee zouden we dan ook weer onmiddellijk aan die oerhollandse ziekte die ‘chauvinisme’ heet lijden. Maar op z’n minst zou u kunnen proberen de ‘levensbeschouwing’ ten aanzien van deze automobiel een te herzien. Bijvoorbeeld in de geest van: ’t Zijn alleen heel lullige mensen die lullig rijden, in wat voor goede auto’s dan ook!


Camper taxatie door Kattenberg Expertise

Camper taxatie door Kattenberg Expertise

Ook soortgelijke campers worden door Kattenberg Expertise op waarde getaxeerd.

Camper taxatie door Kattenberg Expertise